keyvisual



De Spelen
> Zomerspelen
1896 Athene
1900 Parijs
1904 St. Louis
1906 Athene
1908 Londen
1912 Stockholm
1916 Berlijn
1920 Antwerpen
1924 Parijs
1928 Amsterdam
Atletiek
Boksen
Gewichtheffen
Gymnastiek
Hockey
Moderne vijfkamp
Paardensport
Roeien
Schermen
Voetbal
Waterpolo
Wielrennen
Worstelen
Zeilen
Zwemmen
1932 Los Angeles
1936 Berlijn
1940 Helsinki
1944 Londen
1948 Londen
1952 Helsinki
1956 Melbourne
1960 Rome
1964 Tokio
1968 Mexico-Stad
1972 München
1976 Montreal
1980 Moskou
1984 Los Angeles
1988 Seoel
1992 Barcelona
1996 Atlanta
2000 Sydney
2004 Athene
2008 Beijing
2012 Londen
2016 Rio de Janeiro
> Winterspelen
> Sporters
> Sportsters
> Sporttakken
> Sporen
Onze andere websites
Contactformulier
Veiling

1928 Voetbal

   

Nederlandse deelnemers

   

Bronnen

27 mei - 13 juni 1928 
1. Uruguay
2. Argentinië
3. Italië

Uitslag:
30/05: Nederland - Uruguay 0-2

Troosttoernooi:
05/06: Nederland - Belgie 3-1
08/06: Nederland - Chili 2-2 (nv).
Nederland wint na loting.
 

 Piet van Boxtel - Wout Buitenweg - Harry Dénis - Jan Elfring - Bertus Freese - Leo Ghering - Puck van Heel - Dolf van Kol - Pierre Massy - Gejus van der Meulen - Jaap Weber 

FIFA
Olympisch Sporterfgoed
Olympisch stadion
RSSSF
Wikipedia (algemeen)
Wikipedia (Nederland) 
YouTube

Over ... voetbal op de Spelen van 1928

Achttien landen hadden zich ingeschreven voor het Olympisch voetbaltoernooi. Omdat Estland (dat in de voorronde had geloot tegen Spanje) zich terugtrok namen er zeventien landen deel. Hierdoor was er één wedstrijd in de voorronde nodig. De wedstrijden werden van 27 mei tot en met 13 juni gespeeld, net als de hockeywedstrijden dus nog vóór de officiële opening van de Spelen op 28 juli. Voor Nederland bleef het vijfde optreden op de Spelen beperkt tot één wedstrijd. Het troosttoernooi won Nederland wel, maar dat behoorde niet tot het officiële programma. Die wedstrijden werden ook niet in Amsterdam gespeeld, maar in Rotterdam en Arnhem.

OLYMPISCH STADION - In 1928 waren in Amsterdam de Olympische Spelen. Het Nederlandse publiek verheugde zich vooral op het voetbal, dat eind mei zou beginnen. De loting voor deze wedstrijden werd verricht door prins Hendrik, die Nederland koppelde aan Uruguay, de heersend olympisch kampioen en toentertijd het sterkste landenteam van de wereld. Dat was even slikken, wat ook dagblad Het Vaderland schreef: ‘De loting is verre van fortuinlijk geweest. Want het resultaat is geweest, dat Nederland reeds in de eerste ronde tegen Uruguay moet spelen, de winnaar van het Olympisch Voetbaltournooi in 1924. Het spreekt van zelf, dat toen Nederland en Uruguay na elkaar uit de bus kwamen, er iets van teleurstelling te lezen lag op de gezichten van de Nederlandse voetballeiders, dat de aanwezige pers-vertegenwoordigers zich min of meer schampere woorden lieten ontvallen, welke echter dienden om ook hun leedwezen over deze wanbof te maskeeren, en dat de leden van Comité 28 elkander eens bedenkelijk aankeken, omdat zij – en terecht – gaarne voor het financieele succes der Spelen het Nederlandsch elftal niet in de eerste ronde geëlimineerd zouden zien. ‘

OLYMPISCH SPORTERFGOED - Voor die wedstrijd tegen Uruguay, te spelen op woensdagavond 30 mei, bestond bij het publiek een gigantische belangstelling. Om aan de vraag naar kaartjes te kunnen voldoen, had het stadion wel vier keer zo groot mogen zijn. De meeste toegangsbewijzen vonden via de NVB hun weg naar de leden van de voetbalclubs. Zo'n negenduizend kaarten kwamen in de voorverkoop en als enig verkooppunt fungeerde het kantoor van de Nederlandsche Handelmaatschappij aan de Amsterdamse Vijzelstraat. Die voorverkoop zou beginnen op maandagochtend 28 mei om 10.00 uur. Op zondag rond het middaguur formeerde zich al een queue, op zondagavond stonden en zaten er al enkele duizenden in de rij. Volgens een schatting waren er rond middernacht zo'n 30.000 mensen die een enorme slang langs de grachten vormden. Omdat slechts twee kaartjes per persoon werden verstrekt, was het duidelijk dat alleen de voorhoede een toegangsbewijs kon krijgen.
 

 

Piet van Boxtel

         

Bronnen

Naam: Van Boxtel
Voornamen: Petrus Cornelis
Geboren: 6-10-1902, Breda
Overleden: 27-8-1991, Breda
Sport: Voetbal
Olympische Spelen: 1928

 

Sports-reference
Wikipedia

 

Wout Buitenweg

         

Bronnen

Naam: Buitenweg
Voornamen: Wouter Marinus
Geboren: 24-12-1893, Utrecht
Overleden: 10-11-1976, Utrecht
Sport: Voetbal
Olympische Spelen: 1928

 

Sports-reference
Wikipedia

 

Harry Dénis

         

 

Zie 1920 Antwerpen Voetbal  

 

Jan Elfring

         

Bronnen

Naam: Elfring
Voornamen: Jan Johan Gerard Hendrik
Geboren: 8-2-1902, Alkmaar
Overleden: 4-9-1977, Apeldoorn
Sport: Voetbal
Olympische Spelen: 1928
 Sports-reference

 

Bertus Freese

         

Bronnen

Naam: Freese
Voornamen: Bertus Johannes
Geboren: 20-2-1902, Almelo
Overleden: 21-11-1959, Almelo
Sport: Voetbal
Olympische Spelen: 1928
 Sports-reference

 

Leo Ghering

         

Bronnen

Naam: Ghering
Voornamen: Leonardus Fransiscus
Geboren: 19-8-1900, Tilburg
Overleden: 1-4-1966, Tilburg
Sport: Voetbal
Olympische Spelen: 1928 
 Sports-reference
Wikipedia

Over ... Leo Ghering

WIKIPEDIA - Leo Ghering was een Nederlands voetballer die zijn gehele sportloopbaan doorbracht als lid van het Tilburgse TSV Longa, waarmee hij in 1926 de KNVB beker won. De linksbuiten debuteerde op 18 april 1927 in het Nederlands voetbalelftal, waarvoor hij tot aan 4 november 1928 in totaal negen keer op het veld stond en daarbij zes doelpunten maakte.Gehring moest drie keer een deelname aan een wedstrijd van Oranje aan zich voorbij laten gaan. Één keer omdat hij simpelweg de hele partij op de bank bleef, één keer vanwege een armblessure en één keer omdat zijn werkgever hem geen vrij wilde geven. Behalve voor 'het grote Oranje' kwam hij ook uit voor de selectie Zuid-Nederland en voor het Olympisch elftal. Rijkere stadgenoot Willem II probeerde Ghering verschillende keren weg te plukken bij Longa, maar deze liet zich niet vermurwen. Hij was vermoedelijk al Longa-lid vanaf de oprichting van de club of sinds kort daarna. In de bekerfinale van 1926 tegen De Spartaan Amsterdam scoorde hij de 3-0 en de 4-0 (einduitslag: 5-2). Ook na het beëindigen van zijn actieve carrière, bleef Ghering functies vervullen voor de club. Hij werd voor zijn trouw benoemd tot erelid van Longa. 

Puck van Heel

         

Bronnen

Naam: Van Heel
Voornamen: Gerardus Henricus
Geboren: 21-1-1904, Rotterdam
Overleden: 18-12-1984, Rotterdam
Sport: Voetbal
Olympische Spelen: 1928
 Sports-reference

 

Dolf van Kol

         

Bronnen

Naam: Van Kol
Voornamen: Adolf Henri
Geboren: 2-8-1902, Amsterdam
Overleden: 20-1-1989, Amsterdam
Sport: Voetbal
Olympische Spelen: 1928
 Sports-reference

 

Pierre Massy

         

Bronnen

Naam: Massy
Voornamen: Petrus Hubertus
Geboren: 3-2-1900, Roermond
Overleden: 3-8-1958, Roermond
Sport: Voetbal
Olympische Spelen: 1928
 Sports-reference

 

Gejus van der Meulen

         

 

Zie 1924 Parijs Voetbal  

 

Jaap Weber

         

Bronnen

Naam: Weber
Voornamen: Jacobus Gerardus
Geboren: 4-8-1901, Rotterdam
Overleden: 30-9-1979, Rotterdam
Sport: Voetbal
Olympische Spelen: 1928
 Sports-reference

 

 

 

 

 

Sjef van Run: 'Een vaderlijke voetballer'

In de annalen van NOC*NSF staat PSV-voetballer Sjef van Run niet geregistreerd als deelnemer aan de Olympische Spelen van 1928. Maar bij zijn zoon Floor is de deelnemerskaart bewaard gebleven. In het boek 100 jaar PSV staat het verhaal  van de PSV-olympiër, waarvan hier een verkorte weergave. 

Bij zijn debuut voor PSV is Sjef van Run (1904-1973) 22 jaar. Hij komt uit Boxtel waar het voetballen voor hem op 10-jarige leeftijd begint bij het buurtclubje Ajax. Zijn wieg staat in de Snellestraat in hartje Den Bosch, waar zijn vader werkzaam is als bakker. Van Run senior komt uit Boxtel waar hij uiteindelijk met zijn gezin met vier kinderen na omzwervingen via Vught, Eindhoven en Antwerpen in 1915 terugkeert om er een groente- en fruitzaak te beginnen.
De degradatie van PSV in 1925 leidt er toe dat het in de tweede klasse te maken krijgt met Boxtel, waar Sjef van Run al enkele jaren een vooraanstaand speler is. Bij de zege van PSV met 2-0 in de thuiswedstrijd maakt Van Run zoveel indruk dat hij door de Eindhovense club wordt benaderd voor een overgang.
In Boxtel werkt Van Run in de groentezaak van zijn vader. Hij voelt er niets voor dat op te geven voor een baantje bij Philips, zoals PSV hem voorstelt. ‘Ik zei: dank u wel. Ik wil niet opgesloten worden. Als u eens een keer een buitenbaan, zoals chauffeur, vrij hebt, dan graag. Maar niet de fabriek in. Dat was niets voor mij. Ik hield van vrij zijn’,  vertelt hij veel later als hij inderdaad als chauffeur werk heeft gevonden bij Philips. Hij is de opvolger van Janus van den Broek. ‘In  de PSV-verdediging blijkt Van Run een aanwinst te zijn’, oordeelt het Eindhovensch Dagblad meteen na zijn debuut. 

Nederlands elftal
Aan het eind van zijn eerste seizoen  wordt hij al opgeroepen voor de olympische selectie en het zuidelijk elftal. Vier jaar lang hikt Sjef van Run tegen het Nederlands elftal aan.  Op 29 maart 1931 bij Nederland-België (3-2) wordt hij dan toch de derde international in de historie van PSV, op 27-jarige leeftijd. Bij zijn club heeft hij zich al vijf jaar bewezen als een solide rechtsback, hij heeft zijn kwaliteiten bij de keuzeheren van de voetbalbond onderstreept in selectiewedstrijden en op trainingen, maar rechts achterin heerst in Oranje een instituut: Harry Dénis van het Haagse HBS.

Voor Sjef van Run is het afwachten geblazen, het is al heel wat als hij reserve mag zijn. Gewisseld wordt er zelden in die jaren, alleen bij hoge nood. Als wisselspeler maakt Van Run ook de Olympische Spelen van 1928 in Amsterdam mee. De olympische deelnemerskaart is bewaard gebleven bij zoon Floor, maar in  de registers van  NOC*NSF komt Sjef van Run niet voor als deelnemer aan de Olympische Spelen. Wisselspelers tellen niet mee!

De verdediger van PSV is wel degelijk een van de tien (!) niet spelende reserves bij de interland Nederland-Uruguay (0-2) op 30 mei 1928 in het Olympisch Stadion. Met die nederlaag is Oranje meteen uitgeschakeld voor de prijzen. Ook in het troosttoernooi komen de reserves niet aan bod. Toch maakt Sjef van Run tijdens de Olympische Spelen zijn debuut in een in oranje gestoken nationaal elftal. Twee dagen na de verliespartij tegen Uruguay, op vrijdag 1 juni, speelt de tweede keus van het Nederlands elftal (met twee spelers uit het A-elftal, Freese en Weber) in het Ajax-stadion een geheim gehouden pseudo-interland tegen de Verenigde Staten. Als enige van de elf Nederlanders is Van Run nooit eerder in een officiële interland uitgekomen. Het is een wedstrijdje van niks tegen de Amerikanen die in het olympische toernooi  met 11-2 door Argentinië zijn afgedroogd. Voor welgeteld 97 toeschouwers maakt Nederland een lusteloze indruk, maar het is goed genoeg om met 3-2 te winnen.

Bijna drie jaar duurt het dan nog voordat Sjef van Run zich international mag noemen. Dan is hij niet meer weg te slaan uit Oranje. Uitgesmeerd over ruim vier jaar komt Van Run tot een onafgebroken serie van 25 interlands. ‘Voor ons is nu komen vast te staan dat Van Run de beste rechtsback is die wij na Dénis hebben gehad’, valt in de kranten te lezen. Opmerkelijk is dat hij verreweg zijn meeste interlands speelt als linksback.Hoogtepunt in de interland-carrière van Sjef van Run is het WK van 1934, meer nog de aanloop waarin het hele land in extase raakt. ‘We gaan naar Rome’, zingt Willy Derby, en iedereen schalt mee. De roes eindigt in Milaan, waar Zwitserland in de eerste wedstrijd al te sterk blijkt: 3-2. ‘Het is jammer, maar het is veel erger voor al die mensen die de verre reis hebben ondernomen om ons aan het werk te zien’, zegt Van Run. Een typerende reactie, passend bij het eindoordeel van Groothoff over de PSV’er: ‘Van Run was een eerlijk en sportief speler, die zich altijd geheel gaf en stellig nooit moeilijkheden met den scheidsrechter heeft gehad. Als aanvoerder van PSV was zijn spel een voorbeeld voor de geheele ploeg. Na het einde van zijn internationale voetballoopbaan heeft hij nog zeven seizoenen voor PSV gespeeld.’

De eerste serieuze interland tegen een volwaardig Engels elftal op 18 mei 1935 (0-1) is de 25ste en laatste voor Van Run. Over die interland schrijft Groothoff in zijn portret van Van Run in 1943: ‘In deze jubileumwedstrijd van Van Run gaf de jubilaris niet bepaald zijn beste spel. Hij was namelijk kort na het begin in een geweldige botsing gekomen met een der Engelse voorwaartsen. De botsing was zóó hevig dat vermoedelijk een minder hard speler dan Van Run voor het verdere gedeelte van den wedstrijd buiten gevecht gesteld zou zijn.  Maar Van Run kon tegen een duwtje, zelfs tegen een heel stevigen duw. Hij speelde derhalve den wedstrijd uit. Heel zelden heeft hij bij PSV voor een of ander ongeval verstek laten gaan.’ 

Geen afscheid
Op 31-jarige leeftijd zit zijn interland-loopbaan erop. Van een officieel afscheid is geen sprake. In de kranten wordt gemeld dat Sjef van Run ‘ietwat verzwakt’ is en ‘minder zeker’ speelt. Het hele daaropvolgende seizoen 1935-1936 maakt hij nog deel uit van de selectie, zij het steeds als reserve. Uiteindelijk moet Van Run uit de krant opmaken dat hij er niet meer bijhoort. De PSV’er laat blijken daar niets van te begrijpen, wat tot een stroom van verontwaardigde reacties bij de club leidt. Bij PSV is Van Run nog lang niet uitgevoetbald. Hij groeit in zijn rol. Een ‘vaderlijke voetballer die naast vriendschap ook eerbied genoot’, typeert het clubblad hem. ‘Sjef van Run is een wandelende reclame voor het voetbalspel. Steeds weer stuwt hij zijn medespelers voorwaarts. Dan schalt het over het veld: ‘Kom aanpakken jongens!’ In 1935 is hij aanvoerder van het elftal, dat landskampioen wordt. Het is zowel voor hem als voor de club de tweede landstitel.

Behalve trouw aan PSV is Van Run ook snel gehecht geraakt aan Eindhoven. Aan de Frederiklaan woont het gezin met drie kinderen vanaf het moment dat Sjef van Run in 1931 bij Philips in dienst komt als chauffeur van de directie, met name van Anton Philips. Ook in Boxtel blijft hij een held. Na zijn zilveren interland in 1935 eert de gemeente hem met een rijtoer door het dorp, begeleid door muziekkorpsen en de zangvereniging. Een eregalerij vol wapenfeiten krijgt hij in café De Sport van Jo van Run aan de Stationsstraat. ’Ome Jo was zijn grootste fan, het café heeft altijd volgehangen met krantenknipsels en foto’s’, weet dochter Corry.  Haar broer Floor herinnert zich nog wel hoe zijn vader ook na zijn afscheid als voetballer met de sport verbonden blijft. ‘Hij is een flink aantal jaren als trainer in het amateurvoetbal actief geweest, bij Helmond, Venray, Son, Nuenen en ook Boxtel. Met name in de oorlogsjaren liet hij zich vaak uitbetalen in natura. Dan kwam hij met brood, groenten, asperges, vlees of aardappelen naar huis.’

Na zijn afscheid als voetballer in 1942 wordt tennis gaandeweg belangrijker voor Sjef van Run. Philips stelt hem aan als beheerder van het tenniscomplex van ELTV aan de Koudenhovenseweg. Daar gaat het gezin ook wonen, tot 1968 als Sjef van Run met pensioen gaat. Zijn vrouw is dan al twintig jaar dood. Op 17 december 1973 komt Sjef van Run plotseling te overlijden. Op bezoek bij zijn dochter Jopie wordt hij getroffen door een hartverlamming. In het PSV-stadion leeft Sjef van Run voort in de naam van een zaal die naar hem is genoemd. 

Henk Mees

      

 

 

 

 

 

Sjef van Runplein

BRABANTS CENTRUM - Bij RKSV Boxtel is zaterdagmiddag 21-12-2013 het Sjef van Runplein gepresenteerd. Tijdens de memorial die de voetbalvereniging voor de Boxtelse international hield, werd een straatnaambordje onthuld door de befaamde voetballers René en Willy van de Kerkhof en de zoon en dochter van Van Run. De veertigste sterfdag van de voetballer was aanleiding voor RKSV Boxtel, nieuwsblad Brabants Centrum en de gemeente Boxtel om een speciale memorial te organiseren. Naast de onthulling van het straatnaambord, stond een vriendschappelijke wedstrijd tegen Legendary PSV op het programma.... lees verder
 

 

 

 

 

Top